Vergrotende en overtreffende trap: 'meer' en 'meest' of '-er' en '-st'?

19-04-2017

vergrotende overtreffende trap meer meest Is het nu ‘het meest populaire meisje’ of ‘het populairste meisje’? En spreken we van ‘luxer’ of ‘meer luxe’? De vergrotende en overtreffende trap zorgen bij menig Nederlander voor twijfel. Sommige mensen gebruiken een vervoeging met ‘meer’ en ‘meest’ en andere mensen met ‘-er’ en ‘-st’. Maar wat is nu juist?

Hoofdregel

Meestal krijgen bijvoeglijk naamwoorden in de vergrotende trap de uitgang ‘-er’. Bij de overtreffende trap eindigen bijvoeglijk naamwoorden vaak op ‘-st’. Alleen geldt voor bijvoeglijk naamwoorden die eindigen op ‘-r’ dat ze er nog een ‘d’ bij krijgen. Kijk maar naar de volgende voorbeelden:
Daarnaast zijn er een aantal onregelmatige vervoegingen, zoals:

  • goed, beter, best;
  • graag, liever, liefst.

Bijvoeglijk naamwoorden op -e, -r en -s

Volgens Taaladvies zijn er twee gevallen waarin het meer gebruikelijk is om een vervoeging met ‘meer’ en ‘meest’ te gebruiken. Bij bijvoeglijk naamwoorden die eindigen op ‘-e’ schrijf je de overtreffende trap vaak met ‘meest’. Echter, een vervoeging met ‘-st’ is in dit geval ook niet per definitie fout. Een voorbeeld is:

  • luxe, luxer, meest luxe 
  • stupide; stupider, meest stupide (of: stupiedste)

Daarnaast geldt voor bijvoeglijk naamwoorden die eindigen op ‘-s’, dat ze in de overtreffende trap alleen een ‘-t’ krijgen. In de overtreffende trap is vaak ook een vervoeging met ‘meest’ mogelijk. Kijk maar naar de volgende voorbeelden:

  • tragisch, tragischer, meest tragisch/tragischt
  • vers, verser, meest vers/verst 

Uitspraak en lange versus korte woorden

Het NRC Stijlboek raadt aan om bij de keuze tussen ‘-er’ en -st’ of ‘meer’ en ‘meest’ te kijken naar de uitspraak en de lengte van een woord. Als ‘-er’ en ‘-st’ leiden tot een onuitspreekbare vorm, dan zou de schrijfwijze met ‘meer’ en ‘meest’ beter zijn. Ook zouden ‘meer’ en ‘meest’ beter passen bij lange woorden. Verder geeft het Stijlboek aan dat ‘meer’ en ‘meest’ vaak ergens de nadruk opleggen en in die zin functioneel kunnen zijn.