Communicatie

Communicatie en hersenen

nieuws - 19-06-2011

Een van de meest opmerkelijke vaardigheden van de menselijke soort is ons vermogen tot communiceren. Van alle diersoorten is Homo Sapiens met gemak de beste communicator. Wat is er nu zo bijzonder aan ons brein waardoor dit mogelijk is?
wetenschappers spraken over cognitief neurowetenschappelijk onderzoek naar woordbetekenis, semantische compositie en pragmatische verrijking van zinsbetekenis, textbegrip, en niet-linguistische ingrediënten van communicatieve vaardigheden, waaronder het vermogen over andermans denken na te denken (theory of mind).

Argumentatie + retorica = strategisch manoeuvreren

Frans van Eemeren, hoogleraar Taalbeheersing, Argumentatietheorie en Retorica aan de Universiteit van Amsterdam gaat met ingang van april 2011 met emeritaat. Van Eemeren is internationaal befaamd vanwege zijn werk op het gebied van argumentatie. Hij heeft een eindeloze lijst van theoretische publicaties op zijn naam staan, maar hij maakte óók boeken voor het publiek, zelfs een met Peter van Straaten. Hij was of is nog steeds gasthoogleraar aan universiteiten in binnen- en buitenland (New York, Lugano).

Liever ‘mijn shirt verkleurt’ dan ‘mijn shirt is van lage kwaliteit’

In het dagelijks leven praten mensen regelmatig over hun ervaringen met producten en diensten. Deze conversaties staan ook wel bekend als mond-tot mond- communicatie en zijn een belangrijke bron van informatie voor consumenten die op het punt staan een product aan te schaffen.

Mond-tot-mond-communicatie is een van de oudste methoden om informatie over diensten en producten te verspreiden en heeft sinds het invloedrijke werk van Katz en Lazarsfeld (1955) doorlopend aandacht gekregen van onderzoekers (Brown & Reingen, 1987; Chevalier & Mayzlin, 2006).

Tijdschriftreclame uit de kleedkamer van de redactie

Advertorials zijn reclameboodschappen die zijn vermomd als journalistieke bijdragen (editorials), maar die wel degelijk van een merk afkomstig zijn om tot koop aan te zetten. Het ligt voor de hand dat advertorials daarom een commerciëler karakter hebben dan editorials die informatiever zouden moeten zijn. Herkennen lezers advertorials als commerciële, en editorials als informatieve berichten?

Ironie gebruiken doe je zo!

Voor tekstschrijvers is de keuze om ironie te gebruiken een moeilijke. Hoewel ironie verkeerd begrepen kan worden, zitten er ook voordelen aan het gebruik van ironie. Ironie kan bijvoorbeeld grappiger zijn dan letterlijke taal en het kan ook een goede manier zijn om kritiek te leveren. In mijn proefschrift Verbal irony: Use and effects in written discourse, onderzocht ik op welke manier ironie gebruikt wordt in geschreven taal en welke effecten ironie op de lezer heeft.

De voorzitter opent de vergadering

Er wordt heel wat vergaderd, in alle geledingen van zakelijk en bestuurlijk Nederland, en verder binnen verenigingen en talloze andere organisaties. Van vrijwel al deze vergaderingen maakt een notulist een vergaderverslag, notulen, bedoeld voor de secretaris, de voorzitter, de andere deelnemers van de vergadering en eventuele anderen. Zelden bekommert iemand zich om de kwaliteit van het verslag. Minder dan bij rapporten of brieven vraagt de schrijver zich af wat de functie van het verslag is en wat de lezer ermee moet doen.

Argumentkwaliteit loont

‘Het verlof van zware misdadigers moet worden geschrapt’. ‘Invoering van de kilometerheffing is wenselijk’. ‘Bijvoederen in de Oostvaardersplassen is verstandig’. Vrijwel dagelijks worden we geconfronteerd met standpunten die gaan over wat we zouden moeten doen of laten, over wat wenselijk is of onwenselijk, een goed idee of een minder goed idee, verstandig of minder verstandig. Soms blijft het bij een ontmoeting met standpunten, maar een redelijke kans bestaat dat we ook met argumenten te maken krijgen die bedoeld zijn om deze standpunten aannemelijk(er) te maken.

‘U liegt’ versus ‘ik begrijp uw standpunt, maar…’

De lijsttrekkersdebatten in de aanloop van de Tweede Kamerverkiezingen 2010 zorgden voor veel commentaar. Al na het eerste debat ontstond het beeld dat Cohen zijn mannetje niet goed wist te staan tegenover zijn opponenten Rutte en Wilders. Een beeld dat na de volgende debatten nauwelijks is bijgesteld. Was het gebrek aan ervaring of ging het om verschillende debatstijlen? En in hoeverre spelen beleefdheidsfenomenen een rol?

Netjes spreken op internet

De gedragsregels op internet liggen niet allemaal voor de hand. De ‘netiquette’ is een verzameling van regels die moeten bijdragen aan de kwaliteit van de communicatie op internet. Je hoeft je er niet aan te houden, maar het is zeer zeker aan te raden, om communicatieproblemen te voorkomen. In de RFC1855 zijn deze algemeen aanvaarde gedragsregels, ook voor e-mail, vastgelegd, zoals bijv. ‘neem geen signatures over in een reply’, ‘quote onder een tekst en liefst onder de regel(s) waar jij op antwoordt’ etc.