De geschiedenis en toekomst van Nederlandse spreekwoorden

10-04-2017

Geschiedenis toekomst Nederlandse spreekwoordenDe Nederlandse taal kent talloze spreekwoorden, die soms zelfs al een paar eeuwen in gebruik zijn. Toch lijken ouderwetse spreekwoorden vooral onder jongeren soms problemen te veroorzaken. Ze halen spreekwoorden door elkaar of kennen ze überhaupt niet. Waar komen spreekwoorden precies vandaan en hoe zit het met de toekomst van spreekwoorden?

Wat is een spreekwoord?

Volgens Wikipedia zijn spreekwoorden korte en krachtige uitspraken, die een volkwijsheid, een collectieve ervaring of een morele opvatting weergeven. Wat spreekwoorden onderscheidt van uitdrukkingen en gezegdes, is dat het kant-en-klare volledige zinnen zijn. Ze vatten een ervaring samen die mensen al eerder hebben gehad. Denk maar aan ‘Een ezel stoot zich geen twee keer aan dezelfde steen.’

Wat is de oorsprong van spreekwoorden?

Volgens Wolfgang Mieder, professor aan de Universiteit van Vermont, hebben spreekwoorden altijd een oorsprong. Het begint volgens hem vaak met een uitspraak van één persoon. Als het een spreekwoord is dat gemakkelijk te onthouden is, bijvoorbeeld door rijm of alliteratie, dan bestaat er een kans dat meer mensen het overnemen. Wel is het vaak lastig om te bepalen wie de oorspronkelijke bedenker van een spreekwoord is.

Volgens Mieder hebben de klassieke spreekwoorden vier belangrijke bronnen:

  • Latijnse spreuken uit de Klassieke Oudheid (Carpe diem, oftewel Pluk de dag), die onder andere door Erasmus zijn verspreid in andere Europese talen;
  • spreuken uit de Bijbel (bijvoorbeeld Oog om oog, tand om tand); 
  • Latijnse wijsheden uit de Middeleeuwen (Als de kat van huis is, dansen de muizen op tafel);
  • geleende spreekwoorden uit andere talen, vooral uit het Engels (Tijd is geld van Time is money). 

Verhaspelingen van spreekwoorden

Regelmatig halen mensen tegenwoordig spreekwoorden door elkaar. Dit noem je ook wel contaminaties of verhaspelingen. Daarvan vind je op Tekstblad.nl 10 voorbeelden. Heidi Aalbrecht, de oprichtster van Verhaspeling.nl geeft in een interview met Editie NL aan dat zo’n verhaspeling vaak tot kortsluiting in iemands hoofd leidt. Mensen leggen een verband tussen gelijksoortige uitdrukkingen of woorden en dan gaat er iets mis. Ze vertelt dat een veelgebruikte verhaspeling soms ook een bestaand spreekwoord kan worden. Dat is bijvoorbeeld het geval met ‘Dat klopt als een bus’. Dat is oorspronkelijk een samenvoeging van ‘Dat klopt als een zwerende vinger’ en ‘Dat sluit als een bus’, twee spreekwoorden die bijna niemand meer kent. 

Worden spreekwoorden met uitsterven bedreigd?

Er zijn inmiddels talloze spreekwoorden langzaamaan uit de taal aan het verdwijnen. Volgens Marloes Zandbergen, afgestudeerd in Culturele Antropologie en Journalistiek, zijn spreekwoorden “beperkt houdbaar”. Ze hebben betrekking op wat mensen in een bepaalde periode als verstandig zien. Dit heeft al geleid tot het grotendeels uitsterven van spreekwoorden als ‘Wie de roede spaart, haat zijn kind’ of ‘Een zondagse steek houdt geen week’.

Aan de andere kant komen er ook voortdurend spreekwoorden bij. Deze kunnen ontstaan binnen verschillende groepen mensen, zoals studenten of voetballers. Bronnen daarvoor zijn bijvoorbeeld tv-programma’s, liedjes of zelfs reclameslogans. Paarse Krokodillentranen zette een actie op om Nederlanders klassieke spreekwoorden in een nieuw jasje te steken. Zo veranderde ‘Als het kalf verdronken is, dempt men de put’ in ‘Als het kind verdronken is, reorganiseert men de Jeugdzorg’ en ook ‘Als de wagen te water is, kiest men de Bob’. Dat initiatief laat in ieder geval zien dat het spreekwoordenboek voorlopig waarschijnlijk nog gevuld zal blijven.

Bronnen

Editie NL
Scientias
Wikipedia