Afbeelding
Towfiqu barbhuiya via Unsplash
Op 4 manieren onzekerheid communiceren
Zelf ingewikkelde en (helaas) vaak ontoegankelijke publicaties uitpluizen om op de hoogte te blijven van wetenschappelijke inzichten? Sterre Hilhorst zet voor jou vier wetenschappelijke publicaties, toegepast op de schrijfpraktijk, in het schap. Deze keer: onzekerheid communiceren.
[1] Veel of weinig lexical hedges?
Wetenschappelijke kennis is inherent onzeker. Om deze onzekerheid te benadrukken, gebruiken wetenschappers vaak lexical hedges (taalkundige verzachtingen): bijwoorden zoals ‘waarschijnlijk’, werkwoorden zoals ‘suggereren’ en modale werkwoorden zoals ‘zouden kunnen’. Die maken uitspraken minder stellig. Beïnvloeden deze taalkundige verzachtingen ook het vertrouwen van mensen in een bron? Verrassend genoeg laat onderzoek van de Duitse wetenschappers Inse Janssen en collega’s zien dat veel of weinig hedges in een tekst de gepercipieerde deskundigheid, integriteit en welwillendheid van een bron niet beïnvloeden. Maar de bron maakt wél uit: een wetenschapper wekt meer vertrouwen dan een politicus.
[2] ‘Ik ben niet zeker’ of ‘het is niet zeker’?
Vergeleken met wetenschappers zijn leiders in het bedrijfsleven meestal stelliger bij onzekerheid. Zij moeten zich in onzekere situaties vaak verantwoorden, bijvoorbeeld waarom ze een bepaalde investering doen. Twee Noorse onderzoekers waren benieuwd of een besluitvormer de onzekerheid kan benoemen zonder vertrouwen te verliezen. Hun experiment toont dat respondenten leiders competenter vinden als ze onzekerheid uitdrukken in externe, objectieve termen (‘Het is niet zeker’) dan wanneer ze interne, persoonlijke twijfel uitspreken (‘Ik ben niet zeker’). Ironisch genoeg gaven de respondenten in een open vraag juist aan dat leiders ook transparantie moeten tonen over hun eigen onzekerheid in plaats van zich zelfverzekerd op te stellen.
[3] Indirecte of directe formuleringen?
Ook in de medische context speelt de formulering van onzekerheid een belangrijke rol. Dit laat onderzoek van Anastasiia Myronenko en collega’s zien. Om patiënten voor te bereiden op pijnlijke ingrepen, gebruikten zij drie varianten van een onzekere pijnvoorspelling: een directe formulering (‘Ik weet het niet’), een indirecte door een variatie te geven (‘Het kan helemaal geen pijn doen of heel erg veel pijn doen’), of een sociale vergelijking (‘Het verschilt sterk van persoon tot persoon’). Op basis van de resultaten raden de Leidse onderzoekers de directe formulering af. Een indirecte formulering, met verwijzing naar de algemene ervaringen van anderen, leidt tot meer vertrouwen van patiënten in een medisch professional.
[4] Getallen of woorden?
Ook nieuwsmedia zoals kranten communiceren onzekerheden. Anne Marthe van der Bles onderzocht met collega’s of het uitmaakt voor betrouwbaarheidsbeoordelingen of kranten deze onzekerheid vooral in getallen of in woorden beschrijven. Hun reeks experimenten laat zien dat het verschil maakt of kranten verbale formuleringen gebruiken (‘Er is enige onzekerheid rondom deze schatting, het kan iets hoger of lager uitvallen’) of numerieke (‘minimaal 1.413.000 tot maximaal 1.555.000’). Mensen vertrouwen een bron minder als je die onzekerheid in woorden uitdrukt. Kranten winnen dus geloofwaardigheid door cijfers te gebruiken.
Dit artikel is te lezen in Tekstblad 4 van 2025. Nooit meer een nummer missen? Meld je aan!
