Leer deze 7 drogredenen herkennen

21-02-2017

DrogredenenArgumentatie is in een opiniestuk of debat van groot belang. Maar niet altijd kloppen de argumenten van schrijvers: soms maken ze zich schuldig aan een drogreden. Er bestaan veel verschillende soorten drogredenen, maar ze hebben als overeenkomst dat er iets misgaat in de argumentatie waardoor het argument in feite niet geldig is. Dit artikel praat je bij over 7 veelvoorkomende drogredenen.

Argumentum ad horrendum

Deze Latijnse term betekent letterlijk ‘reductie tot het ergste’. Dit houdt in dat een spreker of schrijver onderwerp 1 wegschuift en zijn aandacht op onderwerp 2 richt, dat zo mogelijk erger is dan onderwerp 1. Het tweede onderwerp staat echter los van het eerste probleem, waar ook een oplossing voor nodig is. Daarom is hier sprake van een drogreden.

Voorbeeld:
“Ja, het is erg dat er kinderen in armoede leven in Nederland. Maar kijk eens naar de kindersterfte in Syrië.”

Hellend vlak

Een hellend vlak houdt in dat een spreker of schrijver niet uitgaat van de huidige situatie, maar van een meer extreme situatie en die als slecht betitelt. Dit is een drogreden, omdat er geen reden is om aan te nemen dat er in de toekomst sprake zal zijn van die extreme situatie. Het kan bijvoorbeeld inhouden dat iemand een maatregel neemt, die kan leiden tot een bepaald gevolg X en dat de spreker in plaats daarvan al spreekt van gevolg Y, dat nog een stap verder gaat dan gevolg X.

Voorbeeld:
“Als we het toestaan dat hij nu een sigaret rookt, dan is hij straks verslaafd aan cocaïne.”

Vals dilemma

Bij een vals dilemma doet een spreker of schrijver alsof er twee opties zijn waartussen iemand moet kiezen, terwijl er in feite ook een onbesproken derde of zelfs vierde optie is. Dit noemt men ook wel zwart-witdenken.

Voorbeeld:
“Als je niet voor Geert Wilders bent, dan ben je voor GroenLinks.”

Post hoc ergo propter hoc

Letterlijk vertaald betekent dit ‘erna dus erdoor’. Deze drogreden houdt in dat iemand spreekt van een oorzakelijk verband tussen situatie A en situatie B, omdat situatie A plaatsvond na situatie B. In dat geval hoeft situatie A echter niet per definitie de oorzaak van situatie B te zijn.

Voorbeeld:
“Hij voelt zich beter nu hij medicijn X gebruikt, dus medicijn X heeft effect.”

Overhaaste generalisatie

Bij een overhaaste generalisatie doet een spreker of schrijver een algemene uitspraak over een groep mensen op basis van een observatie bij één persoon of bij een niet-representatieve steekproef. Vaak is hierbij sprake van anekdotisch bewijs, dat niet zonder meer gegeneraliseerd kan worden.

Voorbeeld:
“Er is veel geweld op straat. Jan is vorige week namelijk in elkaar geslagen door een jongen.”

Cirkelredenering

Een spreker of schrijver gebruikt bij een cirkelredenering de bewering als het argument zelf. Vaak geeft de spreker of schrijver een definitie of omschrijving van de bewering in zijn argument, zoals in onderstaand voorbeeld een niet-kleptomaan per definitie niet steelt.

Voorbeeld:
“Ik ben geen kleptomaan, want ik steel niet.”

Ontduiken/verschuiven van de bewijslast

Bij deze drogreden geeft een spreker of schrijver helemaal geen bewijs, maar ontduikt of verschuift hij zijn plicht om bewijs te moeten leveren. Dit kan betekenen dat hij een reden geeft waarom hij de stelling niet hoeft te onderbouwen of dat hij de bewijslast bij de andere persoon neerlegt, zoals in onderstaand voorbeeld.

Voorbeeld:
“Als jij geen tegenargumenten kunt bedenken, dan is het waar.”

Bronnen:

“Modern drogredeneren voor dombo’s”
Wikipedia