Hoe klonken Nederlanders in de 17e eeuw?

15-01-2021

Heb je je wel eens afgevraagd of je Nederlands van een paar eeuwen geleden zou kunnen verstaan? Historisch taalwetenschapper Peter-Alexander Kerkhof en Ineke Huysman van het Huygens Instituut maakten er een podcast over.

Klanken van Johan de Witt

De podcast is gebaseerd op de reisverslagen van politicus Johan de Witt die afkomstig zijn uit de jaren ’40 van de zeventiende eeuw. Peter-Alexander Kerkhof onderzoekt klanken Europese talen en vertelt in de podcast: “Ik wil aan het grote publiek duidelijk maken dat deze kennis er is. Natuurlijk was er geen bandrecorder in die tijd, maar taalwetenschap weet veel over de taal.” Kerkhof is vooral bekend door zijn video in samenwerking met Archeologie Rotterdam. Hierin deed hij een voice-over hoe het Nederlands in het jaar 1000 geklonken moet hebben.

Puzzel

Hoe weten we hoe Nederlands klonk in die tijd? “Het is een interessante puzzel waarin je terug in de tijd moet. Geleerden deden in de vijftiende- en zestiende eeuw al uitspraken over hoe het Nederlands klonk. Vooral hoe de klinkers zich verhouden tot bijvoorbeeld het Frans of Duits. Dat is belangrijk om een beeld te krijgen.” Daarnaast kan je ook ‘terugrekenen’ door te kijken hoe klanken in een taal veranderen. Kerkhof: “We kunnen zelfs terug tot de middeleeuwen.”

Zo klonk Nederlands in de zeventiende eeuw

Johan de Witt schrijft in zijn verslag over een reis door Frankrijk en Engeland. Deze zijn anders dan andere teksten die we van hem hebben. “In de officiële papieren zijn de zinsconstructies heel kunstig met een grote Franse woordenschat. In zijn reisverslag is dit minder, en daarom dus dichterbij hoe De Witt echt geklonken zou hebben.” Johan de Witt werd geboren in Dordrecht en bracht een groot deel van zijn leven door rond Den Haag. In beide gebieden werd vergelijkbaar gesproken, dus in zijn accent zullen dus geen grote verschillen gezeten hebben die hij meenam uit Dordrecht.

In het Nederlands uit de 17e eeuw zitten vooral veel klanken die wij tegenwoordig niet meer gebruiken. Kerkhof noemt als voorbeeld de korte ‘ei’ en de lange ‘ij’. “We spreken ze tegenwoordig hetzelfde uit, maar De Witt gebruikten het als verschillende klanken.”

Wil je de hele podcast luisteren en precies horen hoe Johan de Witt geklonken moet hebben? Luister dan hier!

Tags: