5 formuleerkeuzes die een tekst onnodig ingewikkeld maken

22-03-2017

formuleerkeuzes ingewikkeld makenIedereen kent wel van die teksten waarbij je regelmatig een zin moet herlezen. Of je nu een blog schrijft of een boek of advertentietekst, er zijn een aantal formuleerkeuzes die een tekst onnodig ingewikkeld maken. In dit artikel komen 5 formuleerkeuzes aan bod die je beter kunt vermijden.

Vakjargon

Dit punt ligt misschien voor de hand, maar vakjargon maakt je tekst er vaak een stuk ingewikkelder op. Sommige schrijvers gebruiken vakjargon om zichzelf als expert af te schilderen of om afstand tot de lezer te creëren. Niet doen! Lezers zijn, vooral bij teksten op het internet, vaak lui. Ze haken al snel af als ze er een woordenboek bij moeten pakken om jouw tekst te begrijpen. Wees in plaats daarvan liever duidelijk in wat je bedoelt en gebruik simpele termen waarmee de lezer bekend is.

Naamwoordstijl

Naamwoordstijl houdt in dat je van een werkwoord een naamwoord maakt. Dit kan op zich geen kwaad en is soms zelfs onvermijdelijk, maar te veel naamwoordstijl kan een tekst onnodig ingewikkeld maken. Een voorbeeld is de volgende zin:

Hij gaat met haar mee voor het tekenen van het huurcontract en voor het aannemen van hun huissleutel.

Deze zin kun je minder ingewikkeld maken door de werkwoorden als werkwoorden te gebruiken in ‘om te...’-constructies. Kijk maar naar onderstaande herschrijving:

Hij gaat met haar mee om het huurcontract te tekenen en om de huissleutel aan te nemen.

Lijdende vorm

De lijdende vorm betekent dat de handelende persoon in een zin niet de functie heeft van het onderwerp. Het gaat dan om constructies met een vervoeging van ‘worden’ of ‘zijn’ en een voltooid deelwoord. Een voorbeeld is ‘Dat vakantiehuis wordt door hen geclaimd’. De mensen die het vakantiehuis claimen (‘zij’) staan hier in de bijwoordelijke bepaling met ‘door’. De lijdende vorm wordt ook wel geassocieerd met ambtelijk taalgebruik of met wetenschappelijke taal. Soms kan het echter ook een functie hebben om de lijdende vorm te gebruiken. Pas alleen wel op dat je deze zinsconstructie niet te vaak gebruikt. Zorg ervoor dat je voldoende afwisselt met actieve zinnen (‘Zij claimen dat vakantiehuis’).

Tangconstructies

Een tangconstructie houdt in dat er midden in een hoofdzin een bijzin staat die de essentiële onderdelen van de hoofdzin verder uit elkaar zet. De twee delen van de hoofdzin staan dus om de bijzin heen, net zoals een tang een voorwerp omsluit. Een voorbeeld is hieronder te zien.

In de zomer gaan zij vaak, net zoals hun vriendinnen dat regelmatig doen op warme dagen, naar het zwembad.

In deze zin weet je dat er iets moet komen na het eerste deel van de hoofdzin, maar het vervolg ervan wordt uitgesteld door de tussenliggende bijzin. Daardoor loop je kans dat je lezer het eerste deel van de zin al is vergeten tegen de tijd dat hij bij het tweede deel van de hoofdzin is aangekomen.

Te weinig interpunctie

Een laatste formuleerkeuze die je tekst onnodig ingewikkeld kan maken, is te weinig gebruik van interpunctie. Sommige mensen hebben een voorliefde voor veel bijzinnen, maar vergeten om op de juiste plaatsen komma’s te zetten. Daarmee maak je je tekst moeilijker om te lezen en het kan soms zelfs tot een verkeerde interpretatie van een zin leiden. Ook kan het gewoon vervelend zijn voor een lezer om ellenlange zinnen te lezen zonder komma’s. Dit maakt een tekst er vaak niet gemakkelijker op.